Heliogravure – Héliogravure

Hierbij wordt een pigmentpapier gebruikt gelijkaardig aan dit van de kooldruk. De
gelatinelaag wordt licht gevoelig gemaakt met kaliumbichromaat en belicht onder een
positief. Op een gepolijste koperplaat wordt een stoflaag asphaltpoeder aangebracht welke
op de plaat vastgesmolten wordt, deze korreltjes dienen als raster. De belichte gelatinelaag
wordt overgebracht op een gepolijste koperplaat, en daarna geëtst in verschillende baden
van ijzerchloride. Tussen de asphaltkorrels ontstaan minuscule putjes in de koper welke
daarna gevuld wordt met drukinkt. De ingeinkte plaat wordt gedrukt met een etspers.

On utilise un papier pigmenté, comme pour le tirage au charbon. La couche de gélatine est
sensibilisée au bichromate et exposée en-dessous d’un positif. On recouvre une plaque de
cuivre polie d’une fine couche de colophane aux grains très petits. Fondus, ils viendront
adhérer à la gélatine et serviront de trame. La couche de gélatine insolée est transférée sur
une plaque de cuivre polie, puis attaquée par plusieurs bains de chlorure de fer. De
minuscules creux se forment entre les grains dans le cuivre; ces creux seront remplis
d’encre d’imprimerie, et la plaque imprimée avec une presse taille-douce.